Ontstaan natuurwaarden

Trapeziumbos

De specifieke ligging langs de Kromme Rijn, samen met de bodemverschillen en vooral ook de lange ontwikkelingstijd (zo’n 2,5 eeuw) heeft geleid tot grote natuurwaarden in het gebied van de landgoederen. In de loop der tijd hebben de parkbossen zich, mede door het vrij constante beheer, ontwikkeld tot bossen met een structuur waarin vier tot vijf lagen zijn te onderscheiden: (soms hoge en lage) boomlaag, struiklaag, kruid- en moslaag. Mede dankzij deze gevarieerde structuur vinden veel soorten planten en dieren hier een geschikte leefomgeving, ook door het milde klimaat in dit relatief dichte bos. Van groot ecologisch belang zijn de grote aantallen oude en omvangrijke bomen en de daarmee samenhangende natuurwaarden.

Grote variatie aan planten en dieren
Door de eeuwenlange ontwikkeling is de variatie aan vogels en de broedvogeldichtheid voor zo’n klein gebied enorm. Bijzonder zijn bijv. de enorme aantallen boomklevers waarvan we het hele jaar door de roep en zang door het bos horen echoën. Ook de kleine bonte specht, de glanskop en de appelvink, evenals de boomklever soorten van oude bossen, zijn vrij zeldzaam in Nederland en broeden in Amelisweerd. Verder zien we o.a. braamsluiper, ransuil en buizerd.
Meerdere soorten vleermuizen maken zomers gebruik van de holtes in de oude monumentale bomen.

De parkbossen van de drie landgoederen zijn vegetatiekundig te rekenen tot het Essen-Iepenbostype, het zgn. hardhoutooibos. Binnen Nederland en binnen Europa is dit een bijzonder en zeldzaam bostype en van een hoge natuurwaarde. Het essenhakhout zoals dat van Nieuw-Amelisweerd en Nummeri is weer een bijzondere vorm van het Essen-Iepenbos die alleen bekend is uit ons land. Het vegetatietype heeft zich kunnen ontwikkelen ondanks dat vrijwel alle hoofdboomsoorten zijn aangeplant. Vanwege het landgoedkarakter zijn er veel stinzenplanten zoals sneeuwklokje, bostulp, bosanemoon, wilde of boshyacint, Italiaanse aronskelk en daslook. Daarnaast zijn er de kruiden van de oudere bossen van leem- of kleigrond, zoals grote keverorchis, gulden boterbloem, reuzenzwenkgras, groot heksenkruid en boszegge.
bostulpIn de struiklaag zien we soorten als gewone vogelkers, hondsroos, rode kornoelje, hazelaar en wilde kardinaalsmuts. Het essenhakhout van Nieuw Amelisweerd is daarnaast ook zeer rijk aan mossoorten die kenmerkend zijn voor oude hoge essenhakhoutstoven. Ook hieronder bevinden zich zeldzame soorten zoals gewoon tuitmos en gewoon pelsmos. Ook op de grond is in diverse bosgedeelten een rijke mosflora aangetroffen met enkele zeldzame soorten als struikmos en pluimstaartmos.
Vooral vanwege de kleibodem hebben de landgoederen zich ontwikkeld tot een zeer rijk milieu voor paddenstoelen, in het bijzonder mycorrhiza paddenstoelen. Dat zijn de paddenstoelen die met bomen samenleven, waardoor zij van elkaar afhankelijk zijn. Hieronder zijn vele zeldzame soorten (zog. Rode Lijstsoorten). Dergelijke paddenstoelen zullen verdwijnen wanneer er grootschalige verjonging van laanbomen plaatsvindt.

De mening van de Vrienden over een optimaal beheer van de natuur
Natuur en cultuurhistorie zijn op de landgoederen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat houdt in dat een goed beheer alleen mogelijk is bij voldoende kennis van beide zaken. In het thema ‘beheer’ wordt daarop dan ook uitgebreid ingegaan: zie aldaar.

Bronnen en links
Bronnen:
Vrienden van Amelisweerd, 2008. Amelisweerd verdient meer. Zevende rapport van de Vrienden
B.Maes, 2007. Onderzoek monumentale bomen Oud-Amelisweerd
J.P. van Alf, 1974. Oud- en Nieuw-Amelisweerd en Rhijnauwen, een kort overzicht van de historie, de flora en fauna van de drie gemeentelijke landgoederen
J.Spaans, 2007. Lijst van voorkomende planten en dieren op de landgoederen Amelisweerd en Rhijnauwen. Gemeente Utrecht.
E.Jansen, 2008. Voorkomen van vleermuizen op en rond de Uithof. VZZ
H. van der Eng, 2007. Amelisweerd en Rhijnauwen, geschiedenis, de acties, de natuur en de mensen

Links:
Site gemeente utrecht: www.utrecht.nl/landgoederen
Site I-pod-wandeling: www.dutchnature.com/podwandelingamelisweerd/

Landbouw op de landgoederen Amelisweerd en Rhijnauwen

landbouw_ehs_kaartje

Landbouw en fruitteelt maken vanouds deel uit van de landgoederen. Natuurlijk in de eerste plaats als bron van inkomsten. Tegelijk hadden ze vanouds ook een eigen landschappelijke waarde. Juist het contrast van “open” en “dichte” ruimte maakt deel uit van de ‘Amelisweerd ervaring’.

In het beheerplan van 1990 werd opgenomen, dat biologische landbouw op de landgoederen de voorkeur zou verdienen.
Een belangrijk nieuw element is, dat een vrij groot gedeelte van de gronden deel uitmaakt van de provinciale Ecologische Hoofdstructuur (EHS). De EHS is een samenhangend netwerk van natuurgebieden en verbindingen daartussen. Op deze manier kunnen planten en dieren zich beter verspreiden en geschikte leefgebieden bereiken.

Waar staan de Vrienden voor :
De vaststelling van de EHS betekent dat de landbouw als onderdeel van de landgoederen een veel grotere rol gaat spelen bij het beheer van natuur en landschap. Volgens ons betekent dat in elk geval dat er gestopt moet worden met een gemeentelijk beleid dat tot intensivering van de landbouw leidt. Het hoofddoel mag niet hoge opbrengsten van de grond zijn, maar juist hoge natuuropbrengsten. Daarbij gaat het naast extensief landbouwkundig gebruik ook om herstel van het landschap en de bevordering van biodiversiteit. De consequentie is dat wat binnen het landbouwgebied tot natuur omgevormd wordt dan ook vrij van pacht zou moeten zijn.

Florerende boerenbedrijven zijn als onderdeel van de landgoederen en in het belang van het behoud van het landschap noodzakelijk. Maar dan in de vorm van een natuurvriendelijke landbouw, die past op de landgoederen. Dat kan biologische landbouw dan wel extensieve (minder op productie gerichte) landbouw zijn. Van belang is dat voor de gewenste landbouw strikte randvoorwaarden opgenomen worden in het beheerplan, waardoor de landbouw extensiever wordt ten gunste van natuur en landschap. Daarbij kan gedacht worden aan een nader te bepalen stikstofnorm en circa 1,7 koe per hectare, waarbij geen gebruik gemaakt wordt van chemische bestrijdingsmiddelen.

Om zoveel mogelijk natuurwinst te realiseren is voldoende draagvlak en enthousiasme voor omschakeling tot ‘natuurvriendelijke landgoedboer’ noodzakelijk. Om de pachters bij de mogelijkheden en keuzen te helpen, zouden per bedrijf diverse mogelijkheden in kaart gebracht moeten worden. Hierbij moeten dan de natuurwinst die dat oplevert en de bedrijfseconomische consequenties worden uitgezocht. Per bedrijf kunnen de mogelijkheden voor een meer ‘landschapsgerichte’ dan wel een meer ‘natuurgerichte’ bedrijfsvoering berekend worden. Daarbij gaat het o.a. om de verlaagde pachtprijs voor extensiever gebruik van de grond, terwijl ook een deel van de grond vrij van pacht komt waar bufferzones langs bossen en houtwallen en waar vochtige graslandstroken langs sloten. worden ontwikkeld.

De gemeente zou zich samen met de boeren moeten inzetten voor optimaal gebruik van verschillende subsidies op dit gebied. (onder meer Subsidieregeling Natuur voor omzetting van landbouwgronden in natuur op de EHS-gronden en de Subsidieregeling Agrarisch Natuurbeheer voor bijvoorbeeld natuurvriendelijk beheer van de randen.

Landbouw-3Tot nog toe heeft de gemeente Utrecht afwijzend gereageerd op c.q. geen gebruik gemaakt van subsidieverzoeken voor instandhouding van bijvoorbeeld hoogstamboomgaarden. En dat terwijl die juist karakteristiek zijn voor dit gebied is. Wij vinden dat ook de gemeente zich maximaal zou moeten inzetten voor het verkrijgen van subsidies op dit gebied en een deel van de kosten voor dit soort landschappelijk herstel zou moeten dragen.

Behalve de landbouwbedrijven zijn er ook allerlei initiatieven op het gebied van ecologische / milieuvriendelijke tuinbouw in de Kromme Rijnstreek, zoals ‘De Aardvlo’ binnen de landgoederen.
Het lijkt ons een goed idee als bedrijven die zich streekgericht op een duurzame en milieu-vriendelijke wijze profileren, die identiteit ook gezamenlijk uitstralen. Initiatieven voor een landgoedwinkel waarbij de diverse bedrijven samenwerken zouden vanuit de gemeente gestimuleerd en organisatorisch in ieder geval in de opstartfase moeten worden ondersteund.

Landschapsherstel in het agrarisch gebied
Als basis voor landschappelijk herstel kunnen historische kaarten en luchtfoto’s gebruikt worden. Daarop is goed te zien waar de heggen, sloten en vele boomgaarden verdwenen zijn. Vaak ook de meest geschikte plaatsen om ze weer terug te brengen gezien de aard van de bodem en zaden en planten die nog aanwezig zijn. Als ‘natuuropbrengsten’ van landschapsherstel en extensievere landbouw is een veel grotere rijkdom aan zangvogels, weidevogels en roofvogels maar ook bloemen mogelijk, terwijl de bedrijfsvoering geen aanslag (inwaai/uitspoeling van chemicaliën en mest) is op het aanliggend natuurgebied. De ernstig bedreigde akkerflora kan hier terug keren vanuit de zaadbank in de bodem. De omzetting van maïs in bijvoorbeeld roggeakkers geeft behalve meer prooidieren voor roofvogels ook een totaal ander landschapsbeeld. Dit is landschappelijk en historisch verantwoord en recreatief aantrekkelijker. De graslandpercelen binnen de EHS worden kruidenrijker en langs de sloten kunnen door afvlakken van de oevers moerasstroken ontstaan. Ook de overige fauna zoals kleine zoogdieren, libellen en vlinders wordt een aantrekkelijker leef- en foerageergebied geboden door deze maatregelen.

Bronnen en links
Bronnen:
Vrienden van Amelisweerd, 2008. Amelisweerd verdient meer. Zevende rapport van de Vrienden
Gemeente Utrecht, 1990. Beheerplan
H. van der Eng, 2007. Amelisweerd en Rhijnauwen, geschiedenis, de acties, de natuur en de mensen

Links:
Site gemeente utrecht: http://www.utrecht.nl/landgoederen/

Ontstaansgeschiedenis van de landgoederen

De landgoederen Nieuw- en Oud-Amelisweerd en Rhijnauwen zijn ontstaan vanuit drie middeleeuwse ridderhofsteden. De huidige landgoederen zijn in aanleg 18e eeuws met latere wijzigingen. Ze zijn in destijds vrijwel open land aangelegd met bomen en heesters die merendeels van elders zijn aangevoerd. Zowel de cultuurwaarden, als de natuurwaarden zijn mede door de lange geschiedenis, bijzonder hoog. Terecht is het totaal van de landgoederen vrij recent op de Rijksmonumentenlijst geplaatst. “Ontstaansgeschiedenis van de landgoederen” verder lezen

Natuur en cultuurhistorie, hoe denken wij als Vrienden daarover?

Laan_oud_amelisweerd_a

Het zevende rapport van de Vrienden heeft als titel ‘Amelisweerd verdient meer’.
Het is een pleidooi om het beheer van de landgoederen op kwalitatief hoog niveau te brengen, een niveau dat deze landgoederen verdienen. De titel slaat dan ook op de noodzaak van het vaststellen van een ordentelijk structureel budget voor de uitvoering van een beheer, waarbij we ook die ingrepen nauwkeurig hebben omschreven die we voor de lange termijn wenselijk achten. Bezuinigingen en fluctuaties in het budget kunnen de belangrijke beheerdoelstellingen schaden. Daar valt ook communicatie (met bezoekers) onder, dus bijvoorbeeld geen boswachters wegbezuinigen!

De lange termijn
Cultuurhistorie en natuur zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden wanneer het over het beheer van de landgoederen gaat. Op de lange termijn moet helder worden hoe, waar en waarom bepaalde ingrepen zullen worden gedaan. Het optimaliseren van cultuurhistorie is meer dan het kopiëren van een oude ontwerptekening. De gehele ontwikkelingsgeschiedenis vanaf het ontstaan dient te worden onderzocht en gewogen. Tegelijkertijd moet ook de ecologische ontwikkeling tot nu toe in kaart worden gebracht inclusief de verwachtingen voor de toekomst. Bovendien stellen ook de overige gebruiksfuncties -landbouw en recreatie- hun eisen aan het gebied. Kortom, voor een goed en verantwoord beheer moeten voor elke plek alle aspecten zijn onderzocht en afgewogen: maatwerk is dus een vereiste!
Laan_oud_amelisweerd_b

Verjonging van lanen en parkvakken

Verjonging van lanen en bosvakken is plaatselijk dringend nodig. Voor het behoud en ontwikkeling van een structuurrijk bos is het noodzakelijk dat per locatie duidelijk moet zijn welke ingrepen (zoals verjonging/stimulering/verbetering/terugdringing) moeten plaatsvinden, en op welke termijn. Respect voor de oude monumentale bomen en hun grote natuurwaarde is wat ons betreft een eerste vereiste bij herstel van lanen en parkvakken.
Grootschalige verjonging betekent gewoon het slopen van stukken bos en lanen, met als gevolg een grote verarming van de natuur en een desastreuze aanslag op de belevingswaarde voor de recreant. Met grootschalige verjonging vindt ook vernietiging plaats van belangrijke cultuurhistorische waarden.

Herstel van cultuurhistorische waarden, onder andere van oude bomenlanen, wordt vaak gezien als verjonging met allemaal bomen van dezelfde grootte, soort en leeftijd. In oude landgoederen is een beter alternatief denkbaar: geleidelijke verjonging waarbij op tijd opvolgers worden geplant en alleen bomen worden vervangen als er uitval is of als om andere reden een boom gerooid moet worden. Vanwege de beperkte hoeveelheid licht onder de bomen zullen beuk, linde en es vaker aangeplant kunnen worden dan eik. Op deze manier blijft het grootste deel van de oude en monumentale bomen staan. De laan blijft daarbij herkenbaar en beleefbaar als een historische en monumentale laan. Met een laan van uitsluitend dezelfde jonge boompjes zal dit niet het geval zijn. Monumentaliteit treedt in feite pas op na 100 tot 150 jaar!

Vegetatie
Een bekend gegeven is dat bij grootschalige laanverjonging de onmisbare mycorrhiza-paddestoelen zullen verdwijnen, paddestoelen die met bomen samenleven en daarom zo belangrijk zijn. Ook kunnen bodem en kruidlaag ernstig worden verstoord door het rooien van bomen en het aanplanten met machines. Als bomen aan de randen van de bossen gekapt worden zullen ook de mantel- en zoomvegetaties aan deze bosranden aangetast worden of zelfs verdwijnen. Daardoor zullen leefgebieden van allerlei soorten planten en dieren verloren gaan en zal het microklimaat in dat bosgedeelte kunnen veranderen, wat dan weer invloed heeft op de soortensamenstelling.
nw_amelisweerd met omgevallen boom

Daarnaast is het gebruik van historisch plantmateriaal belangrijk. Achttiende eeuws plantgoed is zeldzaam. Herstel vergt dus een speciale aanpak. Belangrijk is dat van de bomen uit de aanlegtijd tijdig nieuw plantgoed wordt opgekweekt van zaad en van stekken van de bestaande bomen en struiken in Amelisweerd. Er moet daarom dringend een kweekplan en een tijdsplan worden uitgevoerd.

In de landgoederen is hier en daar te zien dat een jonge beuk temidden van grote bomen erin slaagt de top te bereiken. In het algemeen zijn het echter vooral esdoorns en essen die zich sterk spontaan verjongen in het bos. Vooral de toename van esdoorns is in ecologisch opzicht niet wenselijk. Een beheeroplossing is dus nodig. Ook zou moeten worden onderzocht of de spontane toename van esdoorns niet wordt veroorzaakt door de stikstofneerslag.

Visie
Voor een goed beheer in de toekomst is het opstellen van een integrale beheervisie noodzakelijk.
Pas op grond van voldoende kennis over de cultuurhistorische- en natuurwaarden kunnen keuzes worden gemaakt. Onderzoek naar diverse leemtes in kennis is daarom gewenst.
In deze visie, gevolgd door een beheerplan, moeten de diverse functies (cultuurhistorie, natuurwaarden, landbouw en recreatie) goed op elkaar zijn afgestemd.

Landbouw en recreatie & verkeer
Onze visie op hoe moet worden omgegaan met ‘landbouw‘ en met ‘recreatie & verkeer’ zijn ook te vinden in de rubriek ‘thema’s’ (zie hoofdmenu).

Bronnen en links
Bronnen:
Vrienden van Amelisweerd, 2008. Amelisweerd verdient meer. Zevende rapport van de Vrienden
B.Maes, 2007. Onderzoek monumentale bomen Oud-Amelisweerd
L. Albers, 1983. Amelisweerd en Rhijnauwen, geschiedenis en beheer van de landgoederen Oud- en Nieuw Amelisweerd en Rhijnauwen
Gemeente Utrecht, 1990. Beheerplan landgoederen
Gemeente Utrecht, 2003. Landgoed Oud-Amelisweerd; verjonging beplanting

Links:
Site gemeente utrecht: www.utrecht.nl/landgoederen

Rentmeester Joop Spaans en de adviseur landschap Werner de Feijter over de Toekomstvisie voor de landgoederen Amelisweerd en Rhijnauwen (Youtube, oktober 2012)

De landgoederen en de Vrienden van Amelisweerd

Button Amelisweerd Niet Geasfalteerd

Amelisweerd en Rhijnauwen, de landgoederen langs de Kromme Rijn, zijn een begrip voor talloze mensen die in Utrecht en omgeving wonen.

De Vrienden van Amelisweerd zetten zich in voor het behoud van de unieke kwaliteit van dit gebied. Bijzondere kwaliteiten op ecologisch, landschappelijk, cultuurhistorisch en recreatief gebied:

  • Vanaf 1971, toen het gebied voor de eerste keer werd bedreigd door de aanleg van de Rijksweg 27.
  • In al die jaren daarna, waarin we onderbouwde pleidooien hielden om de groeispiraal van meer auto’s -> meer wegen -> etc. te doorbreken. Meer wegen, meer lawaai, meer luchtverontreiniging, meer broeikasgassen etc, etc.
  • In het voorjaar 2008, toen we nieuwe bedreigingen signaleerden in een plan voor het kappen van monumentale bomen in Amelisweerd en ons zevende rapport publiceerden
  • En op 5 december 2008, toen we via het dagblad Trouw het onzalige plan voor een snelweg door Rhijnauwen publiek maakten.

 

Want Amelisweerd en Rhijnauwen verdienen onze inzet!

Actief worden? Mail ons: info@vriendenvanamelisweerd.nl

Of steun ons met een (jaarlijkse) donatie aan de Vrienden van Amelisweerd, over te maken op giro 405 65 70 tnv penningmeester van Amelisweerd te Utrecht.

Donderdag 12 maart: Bijeenkomst van de Vrienden van Amelisweerd

Milieucentrum, Oudegracht 60.
Aanvangstijd gewijzigd (!) naar 19.30 uur in verband met de raadsinformatieavond.

 

Wij nodigen iedereen uit die mee wil denken en helpen om de landgoederen nog maar weer eens een keertje te redden.
Wie kan bijdragen vanuit de volgende gebieden:

– secretarieel, website actueel houden (kennis van Joomla is een pré)?
– lobbyen?
– schrijven van rapporten, columnisten?
– stand bemannen?
– verkeerskundige / fiscalist / jurist / advocaat / ingenieurs / planoloog …
– etc.?

Amelisweerd verdient meer (het zevende rapport)

Op 19 juni 2008 presenteerden de Vrienden van Amelisweerd het 7e rapport “Amelisweerd verdient meer” op de informatie-avond van de gemeente Utrecht. Jos Kloppenborg overhandigde dit rapport dat een reactie is op het rapport Noblesse Oblige aan wethouder Robert Giesberts. U kunt het rapport hier downloaden.